header foto header foto header foto header foto header foto header foto header foto header foto header foto header foto
 
Arbitrage

De Goede Antwoorden & Nieuwe Vraag!

Nieuws afbeelding 13-10-2014
Met deze ‘spelregel van de week’ proberen we een bijdrage te leveren aan het vergroten van de spelregelkennis onder spelers, ouders en scheidsrechters. We zijn vorige week gestart met een XXL test-editie. Hieronder nogmaals de vragen van vorige week met daarbij de juiste antwoorden. Deze antwoorden kwamen van Jasper Nagtzaam hoofdklasse en internationaal scheidsrechter. Hij verzorgde vorige week op Almeerse het inspirerende scheidsrechterscafé. Onderaan de nieuwe vraag voor deze week ...
1-      Aan de linkerkant van het veld heeft een verdediger de bal, hij staat onder druk van een aanvaller en kiest ervoor de bal met een backhandslag bij een medespeler te krijgen. Hierbij gaat de bal ongevaarlijk omhoog tot iets boven knie hoogte. Wat doe je als scheidsrechter?

Bij deze situatie is een verschil tussen hoe bondsscheidsrechters en clubscheidsrechters ermee moeten omgaan. Op bondsniveau worden spelers geacht een backhand te kunnen slaan, gecontroleerd laag over het veld. Slaan ze de bal tot boven kniehoogte weg, dan wordt dat gezien als opzettelijk en wordt de bal tegen gegeven (vrije slag). Als clubscheidsrechter moet je van geval tot geval bekijken wat er aan de hand is. Is er gevaar? Is het een ongecontroleerde slag? Zit er opzet bij? In de praktijk fluit je daardoor minder vaak dergelijke ballen af dan bondsscheidsrechters, omdat er minder vaak sprake zal zijn van opzet. Let wel, ballen die flink ver boven kniehoogte worden weggeslagen zijn vaak ronduit gevaarlijk, want totaal niet gecontroleerd. Als je dat constateert moet je wel fluiten, want spelers mogen geen vrijbrief krijgen voor het doen ontstaan van allerhande linke situaties. Evenwel is dus niet iedere van de grond geslagen bal fout.

2-      Bij een scoop kennen we de 5-meter regeling bij het neerkomen van de bal. Als nu een aanvaller een harde vlakke bal speelt die via de stick van de tegenstander door de lucht gaat, in een soortgelijke boog als bij een scoop, geldt dan de 5-meter regeling ook bij het neerkomen?

Ja, die geldt dan. Bij iedere bal die omhoog gaat gelden drie ‘evaluatiemomenten’ van gevaar: bij opstijgen, vlucht en landing. Wanneer de bal bij opstijgen en vlucht niet gevaarlijk is, telt dus wat er gebeurt bij de landing. Die wordt gevaarlijk als spelers proberen in de lucht om de bal te strijden. De regels stellen daarom dat degene die vrij staat op de plaats van landing het aannamerecht heeft. Staan er één of meerdere spelers van beide partijen, dan geldt dat de partij die de bal niet omhoog bracht die mag aannemen. De beoordeling of iemand wel of niet vrijstaat is niet altijd eenvoudig. Je kunt het beste aanhouden dat iemand die op de landingsplek staat met niemand binnen speelafstand (ongeveer 2 meter) de bal mag aannemen. Alle tegenstanders moeten dan vijf meter afstand nemen en houden tot de ontvanger de bal op de grond heeft gecontroleerd.

3-      Een toeschouwer van de bezoekende club misdraagt zich richting arbitrage en zijn gedrag heeft een negatieve invloed op de wedstrijd. Welke mogelijkheid heb je als scheidsrechter om hier iets aan te doen?

Er zijn meerdere opties. De meest geëigende manier is om de aanvoerder van het team dat ogenschijnlijk door deze persoon wordt aangemoedigd op hem/haar af te sturen en te vragen de negativiteit te staken. Als die namelijk wordt voortgezet zal de arbitrage de wedstrijd tijdelijk stilleggen en de persoon door een bestuursvertegenwoordiger van de thuisclub laten verwijderen. Dit staat niet in de weg dat een scheidsrechter zijn eigen creatieve oplossing toepast, als die aanvoelt dat die beter zal werken dan de officiële manier. Het gaat erom dat het probleem wordt opgelost.

4-  Bij een strafcorner wordt de bal net binnen de cirkel gestopt en ook van binnen de cirkel op doel geslagen. Een verdediger op de doellijn krijgt de bal op zijn voet. Wat is hier het juiste besluit?

Strafcorner. We fluiten niet meer direct af wanneer dat schot op doel komt; er kan gewoon niet gescoord worden, omdat de bal niet buiten de cirkel is geweest. Dat betekent dat de doellijn niet bestaat en gewoon een stuk achterlijn is. Wie daar per ongeluk een bal op zijn voeten krijgt, krijgt hooguit een strafcorner tegen.

DE SPELREGEL VAN DEZE WEEK:
Bij een Strafcorner, keurig buiten de cirkel gestopt en van binnen de cirkel op doel gepusht, komt de bal op de knie van een uitlopende verdediger die op dat moment 3 meter van de bal is recht voor de aanvaller die de bal pusht. Wat is hier het juiste besluit en waarom?
Je antwoord kan als reactie op dit bericht worden geplaatst. Volgende week laten we een van onze eigen experts de goede antwoorden geven.  
De scheidsrechterscommissie.

Reacties


Onne Zijlstra

15-10-2014 @ 12:24:03 |Vrije slag voor de verdedigende partij wegens opzettelijk hoog spelen van de bal in de richting van een speler.

Wibo van der Meulen Kunee

20-10-2014 @ 19:37:20 |Nieuwe corner. Bal is niet boven de knie binnen de 3 meter.

Reageer op het nieuws